Tips

Betrek je een nieuwbouwwoning of is de waterleidinginstallatie in je huis vernieuwd? Spoel de waterleidingen de eerste drie maanden dagelijks goed door.

meer tips
Water footprint: ons virtuele waterverbruik

Hoeveel water is er nodig om één kop koffie te produceren? Of een bruine boterham met kaas? Of een reep chocola? Heel veel levensmiddelen en grondstoffen bevatten zelf nauwelijks water, maar verbruiken veel water tijdens de groei en het productieproces. Dat levert onthutsende cijfers op: zo wordt voor de productie van één katoenen T-shirt 2700 liter water gebruikt.

Op verzoek van het Wereld Natuur Fonds onderzocht de Universiteit Twente dit onzichtbare ‘virtuele’ waterverbruik van Nederland. De belangrijkste uitkomst: 80 procent van het Nederlandse waterverbruik vindt plaats buiten ons land, ook in landen waar (schoon) water een schaars goed is.

Virtueel water: de top 5
Op basis van onderzoek van de Universiteit Twente, stelde het Wereld Natuur Fonds een top 5 samen van dagelijkse producten en het water dat nodig is om ze te produceren. Daarbij is het waterverbruik tijdens het gehele groei- en productieproces meegerekend.

   
1. Katoenen T-shirt (korte mouw) 2.700 liter
2. Reep chocola (puur) 2400 liter
3. 100 gram rundvlees 1.550 liter
4. Kop koffie 140 liter
5. Boterham 40 liter

‘Dorstige gewassen’ populair
Nederlanders gebruiken dagelijks gemiddeld 121 liter zichtbaar water. Daar hebben ze zelf invloed op: de kraan wordt open of dicht gedraaid. Ze gebruiken daarnaast per dag 3.300 liter virtueel water. Dat indirecte waterverbruik, gekoppeld aan geïmporteerde grondstoffen en levensmiddelen, vindt grotendeels plaats buiten ons land en buiten onze directe invloed. Dat water zit in de verbouw en verwerking van bijvoorbeeld katoen, koffie, veevoeders (soja en cassave) en cacao. Veel van deze producten en grondstoffen zijn afkomstig uit gebieden waar (schoon) water al een schaars goed is. De enorme vraag naar dit water via de producten voor de export, betekent een aanslag op de natuur in deze landen. Voor de bevolking betekent het nòg minder water voor eigen gebruik en het verbouwen van voedsel.



Nederland is in absolute, maar ook in relatieve zin grootverbruiker van virtueel water in het buitenland: ons land staat op de derde plaats van de wereldranglijst. De belangrijkste verklaring daarvoor is dat Nederland door het geringe grondoppervlak wel gedwongen is de meeste grondstoffen en landbouwproducten te importeren. (Om die reden staat Malta op nummer 1 van de lijst). Maar zelfs als dat aspect wordt meegewogen, scoort ons land nog erg hoog: we verbruiken per hoofd van de bevolking relatief veel koffie, katoen, cacao en andere producten die afkomstig zijn van ‘dorstige’ gewassen.

Waterverbruik in droge landen moet en kan omlaag
Het verbruik van ons virtuele water in het buitenland kan op een relatief simpele manier drastisch omlaag worden gebracht. Het Wereld Natuur Fonds initieert al jaren lang projecten om gewassen (zoals katoen) te verbouwen met 20 tot 30 procent minder water. Ook herstelt het WNF op diverse plaatsen de oorspronkelijke watervoorraad in de bodem door irrigatiemethoden aan te passen.

Het WNF krijgt steeds vaker de vraag om bedrijven en (lokale) overheden te adviseren op het gebied van waterbesparing. De universiteit van Twente ondersteunt het WNF met modellen en risicoanalyses die de basis zullen vormen voor projecten om de Nederlandse water-voetafdruk in het buitenland terug te dringen.

Bron: Wereld Natuur Fonds 

Stelling: als ik terug ben uit het buitenland ben ik blij weer Nederlands kraanwater te kunnen drinken

Ja  Nee